|
Ds. Johan Dorst - Hoera, hij is geen dominee |
|
|
Font Size 
"Hoera hij is geen dominee", schreven mijn collega's in een
afscheidsboekje dat ze me aanboden bij vertrek uit mijn eerste
gemeente. Een zin die is blijven hangen.
Zelf heb ik ook lang gevonden dat ik geen dominee was, omdat mijn beeld
van de dominee blijkbaar even negatief geladen was als dat van mijn
toenmalige collegae. Een dominee is een wat stijve, meest mannelijke
persoon, die wat wereldvreemd door het leven schrijdt. Goed bij
ernstige ziekte en dood, maar verder moet je er niet teveel mee te
maken krijgen.
Dat beeld werd ook vaak bevestigd. Ik herinner me nog een keer, ik was
twee jaar dominee in een klein dorpje in Friesland, dat ik mijn
vakantie vierde aan de toen nog rustige kust van Joegoslavië. Lopend
over de camping naderde ik twee topless dames, één jong en één ouder.
Toen ik dichtbij gekomen was sloegen ze de handen voor hun borsten en
gilden bijna: "Ooooooh, dominee!" Het bleken twee gemeenteleden te
zijn, moeder en dochter, die louter door mijn aanwezigheid blijkbaar
iets van zondebesef in zich voelden opborrelen.
Ook valt op, dat als je in een gezelschap zit en men merkt dat je
dominee bent, het gesprek of stilvalt, of mensen zich denken te moeten
verontschuldigen omdat ze niet naar een kerk gaan. Je bent blijkbaar een soort wandelend algemeen geweten.
Nou, mooi niet!!!
In de loop van de jaren ben ik tot de conclusie gekomen dat ik wel
degelijk een dominee ben, maar niet altijd voldoe aan de vooroordelen
die daarover bestaan en daar ook niet aan wil voldoen. Niet stijf, niet
altijd in nette kleding, niet voortdurend op mijn woorden lettend en
zeker niet zalvend sprekend. Ik probeer mezelf te zijn en denk zo ook
een ander beeld van dominee uit te dragen.
Gelukkig zijn er ook overal gemeentes, die niet voldoen aan het
vooroordeel van buitenstaanders. Een kerk hoeft niet saai te zijn, niet
alleen maar geschikt voor oude mensen. Je hoeft geen buitenbeentje te
zijn om lid van een kerk te zijn en het kan er reuze gezellig zijn.
Zo heb ik Colmschate ervaren; een gemeente die zichzelf is waar je als
dominee jezelf kunt zijn. Waar kerkgangers op hun eigen wijze naar de
kerk kunnen gaan en niet-kerkgangers op hun eigen manier meelevend
gemeentelid kunnen zijn en jonge mensen gewoon gezellig jonge mensen
zijn met hun eigen plek.
Wat is daar in de negen jaar dat wij er woonden en werkten veel
veranderd, ongelooflijk! Van een dorp met wat nieuwbouwwijken, naar een
nieuwe stadswijk, van
een dorpskerkje naar een aansprekend kerkelijk centrum - en wat was de
verbouwing een prachtige chaotische periode!
Gemeente-zijn is voor mij een voortdurend onderweg zijn, dus geen
stilstand, want geloven is een weg, een traject naar een betere
toekomst. We - en dat zeg ik met opzet zo, want Ineke, mijn vrouw en Willemien en
Anne Margreet, onze dochters hebben het ook zo beleefd - hebben met
heel veel plezier deel uit gemaakt van de gemeenschap, die de kerk van
Colmschate vormt.
Mijn ideaalbeeld van kerk ziet er natuurlijk nog wel wat anders uit:
Dat is een gemeenschap van mensen, die ieder op eigen wijze een ideaal
delen, maar ook de overtuiging (geloof) dat dit ideaal bereikbaar is,
omdat het een door God gegeven mogelijkheid is. Ieder doet daar aan mee
op zijn, of haar geheel eigen manier, waarbij het veel meer gaat om
geloofservaring te delen, dan om geloofsbelijden te delen.
Ooit ben ik nog eens van plan een boek(je) te schrijven over mijn
ervaringen vol anekdotes en dan zullen er vele verhalen uit Colmschate
instaan.
Johan Dorst |
|
|
Mei 2012 |
|
|
|