Kolmenschate? Kolmschate? Collumschate – Colmschate

Het tegenwoordige Colmschate heeft een lange geschiedenis. Al voor onze jaartelling hebben er in dit gebied mensen gewoond. In 1927 vond men tijdens opgravingen op het Banekaterveld urnen die uit de late Bronstijd, begin van de IJzertijd, stammen. Onlangs zijn er nog sporen van vroege bewoning gevonden in het gebied waar de Scheg wordt gebouwd. De oorsprong van de naam Colmschate is onduidelijk. Eén verklaring zegt dat de naam stamt uit de tijd dat er kolenbranders in de bossen rondom Deventer woonden. Zij sloegen hun spullen op in schuren of “kollenschoaten”. Uit deze kollenschoaten is in de loop der eeuwen vermoedelijk de naam Colmschate ontstaan. Pas in de veertiende eeuw komen we de naam Kolmenschate in de “boeken” tegen. Er is dan sprake van ene Willem Douvelt, schout van Kolmenschate (1368). Het schoutambt Kolmenschate was een veel groter gebied dan wat we nu als Colmschate kennen. Het werd begrensd door de IJssel, de buurtschap Epse, de kerspelen Bathmen en Holten en de schoutambten Kaalte en Olst.

In de 16e eeuw, tijdens de 80- jarige oorlog, kreeg Koning Philips II op een gegeven moment financiële problemen. Om zijn troepen te kunnen betalen liet Philips stukken grond verkopen of verhuren. In 1576 gaf hij het schoutambt Kolmenschate “in pandschap ende beleeninge” aan de Burgemeesters, Schepenen en Raad der Stad Deventer. Het schoutambt Kolmenschate werd toen bestuurd door schout Henrick Jacobsen. In het jaar 1811 raakte Deventer de zeggenschap over het schoutambt Kolmenschate weer kwijt. Bij decreet van Keizer Napoleon werd het schoutambt Kolmenschate een zelfstandige gemeente: la mairie de Diepenveen. Waarschijnlijk kreeg de nieuwe gemeente de naam Diepenveen omdat in de buurtschap Diepenveen de enige hervormde kerk van het schoutambt stond. De eerste burgemeester van de nieuwe gemeente was Daniël Gerhard Hendrik Smijter. Het schoutambt bestond uit zes marken: de Gooier Marke, de Marke van Oxe, de Marke Rande, de Marke Borgel, de Marke van Tjoene, de Marke Rande en de Marke Averlo. Zo’n marke was weer onder te verdelen in een aantal buurtschappen.

De Gooier Marke was verdeeld in acht buurtschappen: Wechele, Riele,Weteringen, Essen, Ortele, Okkenbroek, Lettele en Linde. Het dorp Colmschate is te vinden in de buurtschap Weteringen. Deze buurtschap bestond ook weer uit twee delen: Hoge Weteringen en Lage Weteringen. Tot begin jaren zestig werden de huisnummers ten noorden van de weg naar Holten (Holterweg) voorafgegaan met een “W”. Dit was het gebied Hoge Weteringen. Ten zuiden van deze weg stond er een “C” (van Colmschate) voor het huisnummer. Dit gebied was Lage Weteringen. Bijna het hele schoutambt Kolmenschate bestond uit zandgronden met grote stukken heide. Voor de meeste bewoners was de landbouw (rogge, boekweit, haver, gerst) het belangrijkste middel van bestaan. Daarnaast werd er op kleine schaal nog wat vee gehouden. Op verschillende plaatsen in het schoutambt werd ijzererts gevonden. Dit erts werd o. a. verwerkt tot potten, kachels en kanonnen. Deze produkten werden veel naar Duitsland verkocht en over de Schipbeek en de Regge daar naar toe vervoerd.

De buurtschappen die aan een handelsroute lagen ontwikkelden zich tot dorpen. Ook Colmschate bevond zich aan een dergelijke handels- of doorgaansroute. Gevolg hiervan was dat allerlei bedrijfjes en bedrijven zich hier vestigden. Naast allerlei boerenbedrijven waren er in Colmschate o.a. een vleesfabriek (Linthorst), een klompenfabriek, een melk- of “botterfabriek”, verscheidene bakkerijen (Bloemendal, Rouwendal, Cellarius, Veldwachter), een kapper, een schoenmaker . Colmschate had vroeger zelfs een eigen NS-station (rechts voor de spoorwegovergang, als je richting Schalkhaar gaat). De lijn werd tussen 1882 en 1885 aangelegd. De halte Colmschate werd in de dertiger jaren opgeheven. In 1974 kwam Colmschate, als gevolg van een gemeentelijke grenswijziging, weer onder Deventer bestuur. Dit feit heeft grote gevolgen gehad voor Colmschate. Aangezien Deventer nergens meer kon uitbreiden startte men in het “nieuwe gebied” met nieuwbouw. Wijken als het Oostrik, Groot Douwel, Blauwenoord, Veldpape, de Colmschater Enk, het Roessink, het Bramelt, het Essenerveld zijn als paddestoelen uit de grond geschoten. In een kleine twintig jaar is het dorp Colmschate uitgegroeid tot een grote nieuwbouwwijk van Deventer, met alle mogelijke voorzieningen. Volgens schattingen zal eind 1993 het aantal inwoners van Colmschate zijn gegroeid tot ongeveer 17.000.