Maria van Magdalena ontmoet de Opgestane Heer in de tuin. Bij het noemen van haar naam breekt Gods Licht door. Maria wil Jezus vastpakken met haar handen en leert hier dat zij Jezus met haar handen los moet laten.
De handen van de schikking zijn geopend, waartussen de witte bloemen staan zodat Maria en wij het Licht kunnen doorgeven.
Rondom de witte bloemen zien we glasdruppels, als de tranen van Maria, dwars door verdriet en gemis heen breekt het Licht door.

 

[nggallery id=46]