Zo’n 1250 jaar geleden stak Lebuinus de IJssel over als missionaris.Al 1250 jaar leeft sindsdien de kerk hier in Salland. Ze wist zich op vele plaatsen te handhaven door de eeuwen heen, kent donkere en lichte perioden in haar bestaan, maar is nog steeds springlevend. Nog steeds zijn er vele mensen die verspreid over diverse kerkgenootschappen inspiratie vinden in het christelijk geloof. In Deventer wordt de oversteek van Lebuinus in elk geval feestelijk omlijst, een jaar lang. En bij een feest horen liederen. Die heeft de kerk in overvloed tot haar beschikking. Ook het nieuwe Liedboek getuigt daarvan.Aan de voorgangers van de PKN gemeenten en enkele kerkelijk werkers in deze regio wordt dit jaar de vraag voorgelegd: In welk lied uit het Liedboek licht iets op, wat jou inspiratie geeft? Welk lied is voor jou een bron van licht?

“Delf mijn gezicht op” en het rationeel leven “…mens word je medemens”

Relationeel leven

De mens is een relationeel wezen. Hij gaat relaties aan met anderen, deAnder (God) en zichzelf. Het tijdperk van ‘ik’­gerichtheid lijkt achter ons te liggen. De studenten die ik tijdens activiteiten rondom Spir!t (trainingen, workshops, minor) spreek bevestigen dat keer op keer. In de gemeente is het niet anders. Het gaat om betrokkenheid op elkaar, samen delen, samen doen en samen vieren. Daar komt het op aan.

Je wilt niet dat je wordt afgerekend op hoe je er uit ziet. Je wordt niet een mens door alleen in de spiegel te kijken, maar mens word je door een medemens. Dat je wordt gekend als mens, is het diepe verlangen van eenieder. Een stuwing, een dynamiek, die je misschien doet vermoeden dat er ‘Iets’is dat mensen met elkaar verbindt. God. Zo lees en zing ik het prachtige lied ‘Delf mijn gezicht op’van Huub Oosterhuis (lied 789a).

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Wie mij ontmaskert zal mij vinden.

Ik heb gezichten, meer dan twee,

Ogen die tasten in den blinde

Harten aan angst voor angst ten prooi

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Wie wordt ontmaskerd wordt gevonden

En zal zichzelf opnieuw verstaan

En leven bloot en onomwonden,

Aan niets en niemand meer te prooi.

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Met de studenten ben ik altijd op zoek naar hun beleving, naar hun bezieling, ook in de context van het christelijk geloof. Zeker in gesprekken over rouw en verdriet door het overlijden van een ouder, broer, zus, vriend of vriendin. Een zeer moeilijk fase.Altijd weer verrassend dat toch na diverse gesprekken de blijmoedigheid ­ zij het voorzichtig en nog schaars ­ op hun gezicht terugkomt.

Als we het relationele leven nu met z’n allen blijven beoefenen komt God vanzelf in het gelaat van de ander aan het licht.
Arent Weevers Studentenpastor Saxion