Negen maanden geleden is er vanuit de Lebuinuskerk een pioniersplek gestart: Vondst. We bestaan uit een team van vier personen. Ik mag mij als ‘pionier’ beroepsmatig inzetten, en wel voor exact 14,4 uur per week.
Inleiding De columns worden dit jaar geschreven door predikanten en kerkelijk werkers uit Deventer, inclusief Diepenveen en Colmschate-Schalkhaar. Er is gekozen voor het brede thema ‘uit de praktijk’. De kerk is volop in beweging, en daarmee ook het werken in en verbonden met de kerk. Er zijn heel wat functies bijgekomen. Alleen al in onze gemeenten kennen we naast gemeentepredikant en kerkelijk werker ook geestelijk verzorger, studentenpredikant, diaconaal werker, jeugdwerker en sinds kort de pionier. Wat kleurt hun dagen in, waarin schuilt het plezier en wat baart zorgen?
Als Vondst zijn we overtuigd dat geloof waardevol is en betekenis heeft in ons leven hier en nu. Maar we zien ook dat alles wat er in de kerk gebeurt los staat van de levens van onze vrienden, kennissen, familieleden en generatiegenoten die niets met de kerk hebben. Er is geen verbinding. Daarom zijn we in Vondst op zoek naar de waarde en betekenis van geloven, samen met mensen uit onze generatie (twintigers-dertigers) en stad. In die zoektocht naar betekenis en waarde willen we komen tot een nieuwe vorm van kerkzijn, die aansluit bij onze eigen levens en vragen, en die van onze generatiegenoten in de stad.

lebuinuskerk2011a-1
Dat is de visie… en dan nu de praktijk. Wat doe je als pionier? In letterlijke zin is pionieren een onbekend gebied betreden. Dat geldt ook voor dit kerkelijke pionieren. Er is geen weg voorgegeven of voorgeschreven. Pioniersplekken zijn een vrijplaats. Er is geen kerkorde, geen bestuur, geen voorgeschreven kader behalve het einddoel: vanuit de eigen context komen tot een nieuwe vorm van kerkzijn die aansluit bij de veranderende cultuur of context. Voor mij is pionieren daarom werken vanuit de leegte.
Dat is op verschillende manieren. Allereerst een leegte in die zin, dat we vooraf niet weten hoe de pioniersplek er uiteindelijk uit komt te zien. Vondst moet vorm krijgen vanuit de mensen die erbij betrokken raken; hopelijk vooral mensen die ook niet weten hoe een kerk eruit hoort te zien, of waar geloof ten diepste om draait. Deze leegte is voor mij een essentiële voorwaarde om daadwerkelijk tot vernieuwing te komen, voor onze tijd. Daarnaast is er een leegte, in die zin dat er geen voorgeschreven taken, richtlijnen of protocollen voor mijn werkzaamheden zijn. Maar dat betekent ook onzekerheid: hoe weet ik welke stap de juiste is? Dat maakt pionieren dan ook een enorme les in vertrouwen: vertrouwen in de mensen met wie je werkt, je eigen bekwaamheden, je intuïtie – en door dat alles heen ook een vertrouwen op Gods aanwezigheid, hoe ongrijpbaar dan ook.
Een volgende leegte is mijn agenda. Mijn tijd wil ik grotendeels gebruiken om nieuwe mensen te leren kennen, of contacten te verdiepen. In het begin heb ik besloten om me hierin te laten leiden door mijn intuïtie: wat vind ik interessant? Waar zie ik iets van vernieuwing gebeuren in Deventer? In die gesprekken kom ik niet allereerst met
mijn eigen verhaal, maar wil ik vooral horen wat die ander beweegt. Waarom maakt iemand kunst? Waarom start een ander een kroeg? En uiteindelijk: hoe geven mensen betekenis aan hun leven; of hoe zijn ze zoekende daarin? Vaak vragen mensen naar wat we al gedaan hebben, als Vondst. Dan kan ik al wat mooie projecten noemen: een songwritersconcert met wake in de crypte, het beeldenproject tijdens Open Monumentendag, een nachtconcert in de maak. Maar uiteindelijk zijn die events bijzaak. De tijd die ik erin steek om deze te organiseren, voelt haast niet aan als werk. Het zijn juist alle ontmoetingen die daar omheen gebeuren die de diepte van mijn werk maken; gesprekken waarin gastvrijheid, vriendschap, betrokkenheid gebeurt; waarin mensen iets van zichzelf durven te laten zien. Gesprekken waarin ik iets van geest voel bewegen.
Matthias Kaljouw